CVA-netwerk Zaanstreek Waterland versoepelt de doorverwijzing naar de 1e lijn

Waar kunnen patiënten die een beroerte hebben gehad na een ziekenhuisopname terecht? En hoe vindt er adequate doorverwijzing plaats naar de 1e lijn? Het zijn vragen die in de CVA-zorg keer op keer opspelen. Een CVA-netwerk bestaande uit fysio- en oefentherapeuten, logopedisten en ergotherapeuten kan daarbij uitkomst bieden. 

Aansluiting op de 1e lijn
In Zaanstreek-Waterland werd de afgelopen twee jaar een CVA-netwerk opgericht. Joke Egstorf, Geriatrie Oefentherapeut en initiatiefneemster zag een nadrukkelijke behoefte in de regio. “Voor mensen met MS of Parkinson zijn er voldoende netwerken, maar niet voor mensen die een beroerte hebben gehad. Ik zie deze mensen vaak in een later stadium in mijn praktijk, niet direct na een infarct of bloeding. En dat terwijl ik direct samen kan optrekken met het ziekenhuis in het opstellen van een behandelplan, een weg naar herstel. De aansluiting met de 1e lijn zou veel soepeler moeten verlopen. Zo kunnen we de kwaliteit van leven voor de CVA-patiënt zo optimaal mogelijk maken.”

Onverwacht
Toen Joke Egstorf op een tender van ZONmw stuitte, aarzelde ze dan ook niet om een voorstel om tot een CVA-netwerk te komen in te sturen. “Tot mijn verbazing werd mijn verzoek gehonoreerd. Dat had ik niet verwacht. Ik kreeg vanuit ZONmw toen ondersteuning geboden om het CVA-netwerk op te zetten met informatie en begeleiding, maar het was een uitdaging om het netwerk zelf vorm te gaan geven.” Omdat er in andere regio’s van Noord-Holland ook CVA-netwerken werden opgericht, zocht Joke contact met ZONH. “We hebben samen organisatorisch veel op poten gezet. Het regelen van samenwerkingsovereenkomsten en het volgen van richtlijnen omtrent het opzetten van netwerken. Samen met ZONH hebben we bovendien gesprekken met ketenpartners gevoerd om het CVA-netwerk breed op de kaart te zetten. Vanuit ZONH zet dat meer zoden aan de dijk, dan wanneer we als zelfstandig netwerk zouden handelen.”

“Samen met ZONH hebben we gesprekken met ketenpartners gevoerd. Dat zet meer zoden aan de dijk dan wanneer we als zelfstandig netwerk zouden handelen.”

Opvattingen
In de regio viel de oprichting van het CVA-netwerk goed. “Vanuit het Zaans Medisch Centrum bestond er een grote wens om aansluiting met de 1e lijn te vinden. Het doorverwijzen verliep niet soepel. Het ziekenhuis wist de juiste behandelaars in de eerste lijn namelijk niet te vinden. Daar moest het CVA-netwerk verandering in brengen.” En hoe functioneert het CVA-netwerk nu na twee jaar? “Er wordt momenteel naarstig gezocht naar een CVA-verpleegkundige in de idemeerste lijn om te fungeren als aanspreekpunt voor het ziekenhuis. Tot die tijd loopt er nog veel via de huisarts, maar dat is niet het ideale plaatje. Verder zien we nog wat verschillen in de opvattingen over de inrichting van zorg voor CVA-patiënten. Zo wil het ziekenhuis revalidatie aanbieden, terwijl de eerste lijn de niet-complexe zorg juist liever dichtbij huis wil organiseren. Als je weet dat er in de regio zo’n 400 mensen jaarlijks een beroerte hebben in lichte mate, en ik zie hoeveel van die 400 mensen in ons netwerk worden behandeld, dan is er nog veel werk aan de winkel, maar al met al krijgen we steeds meer doorverwijzingen!”